De laatste peiling van Maurice de Hond zorgt voor opschudding in het politieke landschap. Forum voor Democratie (FVD) stijgt in korte tijd van 7 naar 12 zetels, terwijl de PVV van Geert Wilders terugzakt naar 20. D66 blijft in deze meting de grootste partij met 28 zetels. De cijfers komen minder dan twee maanden na de verkiezingen van 29 oktober en laten zien dat kiezers snel en scherp reageren op de eerste weken van het nieuwe parlementaire seizoen. Ook het vertrouwen in een nieuw kabinet is laag: veel Nederlanders verwachten geen snelle formatie en twijfelen of een volgend kabinet zijn termijn zal volmaken.
Peiling-explosie bij fvd
FVD boekt volgens de peiling van 19 december een winst van vijf zetels in nog geen acht weken tijd. De partij stond bij de verkiezingen op 7 zetels en wordt nu ingeschat op 12. Dat is een gevoelige trendbreuk in een periode waarin de verhoudingen op rechts verschuiven. De partij koppelt die beweging zichtbaar aan een duidelijke taakverdeling in de top: Lidewij de Vos voert als fractievoorzitter de oppositie in de Tweede Kamer, terwijl partijvoorzitter Thierry Baudet zich als nummer twee richt op de bredere lijn en organisatie van de beweging.
De ontwikkeling onderstreept dat een stevige en herkenbare oppositierol loont. FVD positioneert zich in het parlement nadrukkelijk op thema’s als bestuurlijke scherpte, soevereiniteit en kritiek op de zittende politiek. De peiling suggereert dat dat bij een deel van de rechtse achterban resoneert, zeker nu onduidelijk blijft hoe en wanneer een nieuw kabinet tot stand komt.
Verschuiving bij pvv
De PVV, die bij de verkiezingen 26 zetels behaalde, staat in dezelfde peiling op 20. Dat betekent een daling van zes ten opzichte van de uitslag. Peiler Maurice de Hond stelt dat vooral FVD van dat verlies profiteert. De daling bij de PVV valt samen met voortmodderende formatiegesprekken en discussies over de mate van invloed die de partij in het huidige krachtenveld kan uitoefenen.
Voor rechts is het daarmee een fase van hergroepering. Een deel van de kiezers lijkt te zoeken naar partijen die zich scherp in de oppositie profileren, terwijl anderen meer gewicht toekennen aan uitvoerbaarheid en regeringsdeelname. Hoe die balans zich ontwikkelt, hangt sterk af van de komende formatieweken en de vraag of er duidelijke afspraken en plannen op tafel komen.
Formatievertrouwen daalt
De peiling laat zien dat het vertrouwen in de formatie laag is. Bijna de helft van de Nederlanders denkt dat er voor eind maart nog geen kabinet zal zijn. Slechts een kwart verwacht dat het volgende kabinet de gehele rit zal uitzitten. Opvallend is dat kiezers van D66, CDA en VVD relatief iets optimistischer zijn: ongeveer 30 procent van die achterbannen houdt rekening met een stabiel kabinet. Maar ook daar overheerst voorzichtigheid.
Die terughoudendheid kan de komende maanden een rol spelen in het kiezersgedrag. Als de formatie langer duurt of zichtbaar stroef blijft verlopen, kan dat ruimte bieden voor oppositiepartijen die zich presenteren als helder alternatief. Evenzeer kan een doorbraak juist stabiliteit in de peilingen brengen.
Beweging op rechts
Het zijn niet alleen PVV en FVD die bewegen. JA21 stijgt in de peiling naar 10 zetels, een plus van één. BBB levert één zetel in en komt uit op 3. Aan de linkerkant krabbelt GroenLinks/PvdA iets op naar 20 zetels (+1). Het totale plaatje bevestigt dat kiezers momenteel openstaan voor verschuivingen, en dat nuance in positionering en timing van invloed is op korte termijn.
D66 blijft in deze meting de grootste met 28 zetels, een plus van twee ten opzichte van de verkiezingen. Dat wijst op een aanhoudend blok aan de centrumlinkerzijde dat voorlopig profiteert van de onzekerheid rond de formatie en de interne dynamiek op rechts.
Achtergrond: rol baudet en de vos
De opmars van FVD in de peiling valt samen met een duidelijke rolverdeling in de partij. Lidewij de Vos, sinds kort fractievoorzitter, voert het woord in de Kamer met een nadruk op fel debat en inhoudelijke confrontatie. Thierry Baudet, partijvoorzitter en nummer twee, zet de politieke lijn uit en richt zich op de bredere beweging rond de partij. Die combinatie – zichtbaarheid in het parlement en profilering daarbuiten – lijkt in deze fase tractie op te leveren.
Tegelijkertijd blijft het politieke speelveld fluïde. De vraag of FVD de peilingwinst kan vasthouden, hangt af van de mate waarin de partij haar groei vertaalt in consistente parlementaire prestaties en herkenbare voorstellen. Ook het verloop van de formatie en de agenda van een mogelijk nieuw kabinet zullen bepalen waar oppositie en coalitie hun accenten leggen.
Wat betekenen de cijfers
Samengevat tekenen zich enkele patronen af. Rechts is in beweging, met winst voor FVD en JA21 en verlies voor PVV en BBB. Aan de centrumlinkerkant blijft D66 stevig staan, terwijl GroenLinks/PvdA langzaam oploopt. Het algemene vertrouwen in de formatie is fragiel. Voor alle partijen geldt dat duidelijkheid over regeringsvorming en beleid de komende weken richtinggevend wordt voor hun positie.
De timing van deze peiling – vlak voor het einde van het jaar – maakt de cijfers extra betekenisvol. Ze schetsen de uitgangspositie voor het politieke voorjaar, waarin beslissingen over kabinet, begroting en dossiers als migratie, stikstof en koopkracht zullen bepalen wie momentum vasthoudt of juist verliest.
Vooruitblik
Als de formatie begin volgend jaar geen doorbraak kent, is de kans groot dat oppositiepartijen verder profiteren van onvrede en onduidelijkheid. Lukt het partijen in en rond de onderhandelingstafel wel om snel een stabiele constructie te presenteren, dan kan dat de polarisatie in de peilingen afvlakken. Voor FVD is de uitdaging om peilingwinst te verzilveren in duurzame steun; voor PVV om het vertrouwen in politieke invloed en haalbaarheid te herstellen; en voor D66 om als grootste in de peiling een geloofwaardig regeringsperspectief te blijven bieden.
De komende weken staan daarmee in het teken van vertrouwen en uitvoering. Kiezers laten zien dat zij snel schakelen als verwachtingen niet worden waargemaakt. Wie dat het beste leest en daarop inspeelt, bepaalt het politieke momentum richting 2026.
Conclusie
De peiling van 19 december laat zien dat FVD een duidelijke sprong maakt, terwijl PVV terrein verliest en D66 op kop blijft. Het lage vertrouwen in de formatie kleurt het speelveld. Politieke duidelijkheid en zichtbare resultaten worden de doorslaggevende factor. Wat vindt u van deze verschuivingen? Deel uw reactie via onze sociale media.
Bron: dagelijksestandaard.nl





