Na gesprekken met informateur Letschert kiezen D66, VVD en CDA voor een minderheidskabinet. Bewust zonder vaste meerderheid in beide Kamers, leggen ze de lat hoog: beleid maken door te onderhandelen, dossier voor dossier. Het belooft een dynamische rit.
Het besluit
De drie partijen trekken samen op, maar laten de comfortabele zekerheid van een vaste meerderheid bewust los. Dat is een gedurfde keuze, en tegelijk een erkenning dat de huidige politieke verhoudingen om een flexibelere manier van besturen vragen dan we gewend zijn.
Het besluit volgt op intensieve verkenningen onder leiding van informateur Letschert. In plaats van maandenlang zoeken naar extra partners om een meerderheid te construeren, kiezen D66, VVD en CDA voor tempo, transparantie en een werkbare route: een kabinet dat per wetsvoorstel steun regelt.
De cijfers in beide kamers
In de Tweede Kamer komen de partijen gezamenlijk uit op 66 zetels, tien te weinig voor een meerderheid. In de Eerste Kamer is de kloof nog groter: daar ontbreekt een comfortabele meerderheid zelfs met zestien zetels, wat elk dossier strategisch maakt.
Die optelsom draait de gebruikelijke logica van regeren om. Waar normaal coalities vooraf steun vastleggen, zullen ministers en staatssecretarissen nu elke keer opnieuw een meerderheid moeten smeden. Het politieke handwerk verschuift van vergadertafel naar plenaire zaal.
Minderheidskabinetten in perspectief
Een minderheidskabinet is in Nederland geen dagelijkse kost, maar zeker niet ongekend. Eerdere kabinetten moesten ook buiten de coalitie steun vinden, bijvoorbeeld bij begrotingen of ingrijpende hervormingen. Dat kan, mits er vertrouwen en voorspelbaarheid wordt opgebouwd.
Historisch gezien vraagt deze constructie om politieke creativiteit en realisme. De beloning is ruimte om per onderwerp bruggen te slaan. De risico’s zijn duidelijk: zonder goede afspraken kan de wind elk moment draaien, met haperende beleidsuitvoering als gevolg.
De politieke strategie
Door deze route te kiezen, omarmen D66, VVD en CDA een strategie van open overleg. Ze rekenen erop dat plannen inhoudelijk sterk genoeg zijn om uiteenlopende partijen over de streep te trekken. Daarmee wordt debat geen hindernis, maar een instrument om te sturen.
Het vergt discipline, onderlinge loyaliteit en scherpe prioriteiten. Welke dossiers worden als eerste opgepakt? Waar zit de meeste speelruimte in de Kamer? En hoeveel politieke energie mag een lastig wetsvoorstel kosten? Die keuzes bepalen het ritme van de komende maanden.
Onderhandelen per dossier
Flexibele meerderheden vinden betekent: per thema bepalen met wie je kunt zaken doen. Over klimaat, migratie, woningbouw of financiën zullen verschillende combinaties ontstaan. Het politieke midden wordt een werkplaats waar elke stem telt en elke nuance verschil kan maken.
Voor oppositiepartijen biedt dit invloed, maar ook verantwoordelijkheid. Afspraken moeten helder en controleerbaar zijn. Belofte maakt schuld: wie meebestuurt per dossier, zal zich moeten verantwoorden voor de uitkomsten. Dat maakt de compromisruimte tegelijk waardevoller en kwetsbaarder.
Impact op tempo en stabiliteit
Het ontbreken van een vaste meerderheid kan de wetgeving vertragen, maar ook verbeteren. Voorstellen zullen waarschijnlijk scherper worden getoetst, alternatieven krijgen meer ruimte, en wollige formuleringen overleven de rit minder snel. Dat kost tijd, maar kan kwaliteit opleveren.
Stabiliteit wordt geen gegeven, maar een resultante van slimme keuzes en consequente communicatie. Als coalitiepartijen elkaar blijven vasthouden en transparant zijn over hun route, kan het vertrouwen groeien. Zo niet, dan ligt politieke ruis voortdurend op de loer.
De rol van de eerste kamer
De Eerste Kamer wordt in dit model nog belangrijker. Zonder steun daar kan wetgeving alsnog stranden. Dat betekent dat de coalitie het spel in de Tweede Kamer moet spelen met één oog op de senaat, en vroegtijdig draagvlak moet verkennen.
Dat vraagt om zorgvuldige timing en inhoudelijke degelijkheid. Technische uitvoerbaarheid, rechtsstatelijkheid en consistentie tellen extra zwaar. Ministers zullen meer dan ooit met experts, toezichthouders en uitvoeringsorganisaties schakelen om te voorkomen dat plannen in de laatste bocht uit de baan vliegen.
Verwachtingen voor de coalitiepartijen
Voor D66, VVD en CDA betekent dit tactisch balanceren. Elk van de drie wil eigen accenten leggen, maar ze moeten het gezamenlijke verhaal overeind houden. Te veel profileren kan steun kosten, te weinig profileren kan de achterban onrustig maken.
De interne afspraakdiscipline wordt een graadmeter. Als ministers en fracties één lijn houden, neemt hun onderhandelingskracht toe. Vallen er barsten, dan zullen potentiële partners in de Kamer voorzichtiger worden en pas toehappen bij keiharde garanties.
Mogelijke steunpilaren buiten de coalitie
Op dossierniveau zijn uiteenlopende combinaties denkbaar: sommige voorstellen zullen steun vinden bij middenpartijen, andere mogelijk bij flanken, afhankelijk van inhoud, tempo en uitvoerbaarheid. Politieke lenigheid is sleutelwoord, mits niet verwarren met richtingloosheid of opportunisme.
De kunst is daarom helder te benoemen welke kernpunten niet onderhandelbaar zijn, en waar wel ruimte zit voor varianten. Zo ontstaat een herkenbare ruggengraat, met daaromheen de flexibiliteit om meerderheden te smeden zonder de koers telkens te verleggen.
Communicatie en transparantie
Een minderheidskabinet gedijt bij open communicatie. Maak tussentijdse afspraken inzichtelijk, leg keuzes begrijpelijk uit en wees eerlijk over tegenvallers. Dat helpt niet alleen in de Kamer, maar ook bij het vertrouwen van burgers en uitvoerders.
Transparantie betekent niet dat elke onderhandeling live moet worden uitgezonden. Wel dat de uitkomsten traceerbaar zijn: wie steunde wat, onder welke voorwaarden, en wat levert het concreet op? Duidelijkheid voorkomt achterdocht en versterkt het mandaat.
Wat burgers kunnen merken
Voor burgers kan dit model twee kanten op werken. Aan de ene kant iets meer geduld voor wetgeving. Aan de andere kant meer maatwerk en betere afstemming, doordat voorstellen voortijdig worden bijgeschaafd op haalbaarheid, effect en uitvoerbaarheid.
De grote dossiers – denk aan koopkracht, wonen, zorg en veiligheid – zullen de lakmoesproef vormen. Als daarop tastbare vooruitgang zichtbaar wordt, stijgt het vertrouwen. Blijft resultaat uit, dan wordt de roep om een hechtere coalitie snel luider.
Impact op de bestuurscultuur
Een minderheidskabinet kan de bestuurscultuur openbreken. Weg van dichtgetimmerde regeerakkoorden, meer richting inhoudelijk debat en meetbare doelen. Dat past bij de wens voor beter parlementair toezicht en meer ruimte voor gecontroleerde bijsturing onderweg.
Maar het werkt alleen als partijen consequent blijven in afspraken en het publieke belang centraal zetten. Politieke spelletjes leveren korte winst op, maar duren lang in herstel. Draagvlak bouw je met betrouwbaarheid, niet met verrassingen achteraf.
Financiën en begrotingsrondes
De jaarlijkse begrotingsrondes worden cruciaal. Daar ligt het moment om brede steun te zoeken voor prioriteiten en om slimme ruilen te maken. Elk begrotingsakkoord dat staat als een huis, geeft het kabinet zuurstof voor de rest van het politieke jaar.
Begrotingsdiscipline en uitvoerbaarheid wegen extra zwaar. Halve maatregelen of financieel kunst- en vliegwerk worden sneller ontmaskerd. Realistische keuzes, duidelijk doorberekend en tijdig getoetst, vergroten de kans dat plannen zowel politiek als praktisch landen.
Blik op de komende maanden
De eerste echte test komt met de eerste wetsvoorstellen en beleidsbrieven. Wie sluit aan, wie haakt af, en waar liggen de grenzen? De antwoorden op die vragen bepalen of dit kabinet vaart krijgt of blijft schipperen tussen intentie en uitkomst.
Verwacht geen rechte lijn, wel een herkenbaar patroon: bouwen aan vertrouwen, leveren op hoofddossiers, en stap voor stap laten zien dat minderheidsbestuur kan werken. Lukt dat, dan verschuift de perceptie van riskant experiment naar volwassen bestuursstijl.
Scenario’s bij tegenslag
Loopt het vast, dan zijn er nooduitgangen: bijsturen op inhoud, nieuwe partners zoeken, of desnoods de koers herijken. Het is verstandig om zulke scenario’s vooraf te doordenken, zodat tegenslag niet direct verandert in een politieke crisis.
Uiteindelijk draait alles om geloofwaardigheid. Als afspraken worden nagekomen, fouten eerlijk worden erkend en successen gedeeld, kan een minderheidskabinet verrassend stabiel blijken. Wat vindt u van deze keuze? Laat het weten via onze sociale media, we zijn benieuwd!
Bron: newsliner.nl





