Data-analist Herman Steigstra stelt op basis van jaren aan oversterfte- en vaccinatiecijfers dat ongeveer één op de 1.500 coronavaccinaties samenhangt met een extra sterfgeval kort na toediening. Een stevige claim, die hij onderbouwt met patronen, maar ook zelf nuanceert. Wij plaatsen die bevindingen in context.
Cijfer uit terugkerend patroon
Steigstra legt vaccinatiegolven naast oversterfte in dezelfde weken. Steeds ziet hij een vergelijkbare verhouding tussen prikken en extra sterfte, vooral in de eerste weken na toediening. Hij onderscheidt korte en lange termijneffecten, maar noemt vooral die korte horizon bruikbaar.
Volgens zijn berekeningen komt de extra sterfte in zes grote campagnes telkens rond zeventig per 100.000 uit, grofweg één op de 1.500 vaccinaties. Dat sluit aan bij een eerdere schatting van drie jaar geleden, die hij nu opnieuw zichtbaar acht in recente Nederlandse data.
Piek kort na prik
In zijn analyse valt de timing op: de piek in correlatie ligt rond anderhalve week na vaccinatie. In grafieken lopen campagnes en oversterftepieken opvallend gelijk op, vooral bij de zes grootste golven. Precies daar ziet hij het veronderstelde verband het duidelijkst terugkeren.
Hij benadrukt zelf dat het om correlatie gaat, geen sluitend bewijs voor oorzaak en gevolg. Tegelijk waarschuwen statistici dat schommelingen door uitgestelde registraties, seizoensinvloeden en covidgolven zulke pieken kunnen versterken en timing per ongeluk kunnen laten samenvallen.

Methode en onzekerheden
De aanpak is ruw en bedoeld als indicatie, schrijft hij. 2021 springt eruit als onzekere periode: sterfte door covid, uitgestelde zorg en andere factoren liepen door elkaar. Voor die ronde markeert hij punten daarom bewust als minder hard dan andere observaties.
Het gebruik van geaggregeerde weekcijfers kent beperkingen. Wie is wanneer gevaccineerd, hoe oud, en waaraan is iemand precies overleden? Zonder persoons- en oorzakelijke koppeling blijft elke schatting kwetsbaar voor vertekening, hoe consistent het patroon in totalen ook lijkt.
Officiële cijfers en toezicht
In vrijwel alle landen worden vaccins bewaakt via meldsystemen en actieve studies. Europese toezichthouders en het RIVM melden zeldzame, bekende risico’s: onder meer myocarditis na mRNA-vaccins (vooral jonge mannen) en TTS na vectorvaccins, beide doorgaans zeer zeldzaam in absolute zin.
Grootse cohort- en registratiestudies laten zien dat vaccinatie het risico op ziekenhuisopname en sterfte door covid sterk verlaagt, juist bij ouderen. Fatale bijwerkingen komen voor, maar zijn extreem schaars en wegen volgens die onderzoeken ruimschoots op tegen de aanzienlijke covidrisico’s.
Correlatie is geen causaliteit
Een patroon in tijd zegt nog niets over oorzaak. Om causaliteit aan te tonen zijn studies nodig op persoonsniveau: wie kreeg wanneer een prik, wat waren onderliggende aandoeningen, en wat gebeurde daarna? Pas dan kun je relatieve en absolute risico’s betrouwbaar schatten.
Ecologische vergelijkingen – hele populaties tegen elkaar afzetten – kunnen misleiden. Als vooral kwetsbare ouderen tijdens wintercampagnes worden geprikt, stijgt de sterfte sowieso. Zonder correctie voor leeftijd, infectiegolven en seizoenen lijkt een correlatie dan al snel oorzakelijk.
Internationale vergelijking
Eerder analyseerde Steigstra 34 landen met samen 818 miljoen inwoners en vond hij vergelijkbare verhoudingen, rond zestig extra doden per 100.000. Voor hem wijst dat op een terugkerend internationaal patroon, los van specifieke Nederlandse omstandigheden of tijdelijke verstoringen.
Toch verschillen landen sterk in demografie, zorgdruk, testbeleid, registratie en de timing van vaccinatie versus infectiegolven. Zulke factoren kunnen het beeld kleuren. Zelfs kleine meetfouten of vertragingen op landniveau kunnen in ecologische analyses grote effecten suggereren die er niet zijn.
Oversterfte is ingewikkeld
Oversterfte is een optelsom van veel oorzaken: covidinfecties zelf, uitgestelde zorg, griepgolven, hittegolven, demografische vergrijzing en gedragsveranderingen. Zeker in 2021–2023 liepen die effecten door elkaar, wat toeschrijven aan één factor extra lastig en onzeker maakt.
Ook lange termijngevolgen van covid, zoals verhoogd cardiovasculair risico, kunnen maanden later in de cijfers doorsijpelen. Als zulke golfjes samenvallen met prikmomenten, ontstaat snel een patroon dat op causaliteit lijkt, terwijl meerdere oorzaken tegelijk een rol spelen.
Tijdlijn van campagnes
Nederland kende zes grote vaccinatie- en boosterrondes. Veel daarvan vielen in herfst en winter, precies wanneer sterfte door luchtweginfecties traditioneel oploopt. Dat maakt timing op zich al een lastige graadmeter voor oorzaak en gevolg in ruwe grafieken.
Bovendien werden juist de oudste en kwetsbaarste groepen als eersten opgeroepen. Als in die weken meer overlijdens plaatsvinden, hoeft dat niet te wijzen op vaccinschade, maar kan het vooral de bestaande kwetsbaarheid en seizoensdruk in de doelgroep weerspiegelen.
Hoe onderzoek je dit zorgvuldig
De gouden standaard voor veiligheidssignalen buiten trials zijn persoonsgebonden registraties: gekoppelde vaccinatie-, ziekenhuis- en overlijdensdata. Methoden als self-controlled case series en matched cohortstudies corrigeren voor leeftijd, comorbiditeit, seizoenen en de timing van infecties nauwkeurig.
Veel van zulke studies rapporteren een tijdelijk verhoogd risico op specifieke, zeldzame aandoeningen rond de prik, maar óók een grote daling van ernstige coviduitkomsten. Het netto-effect op sterfte is daarbij steeds gunstig voor gevaccineerden, vooral bij oudere leeftijden.
Wat betekent 1 op 1.500
Als één op 1.500 vaccinaties tot extra sterfte zou leiden, is dat voor een vaccin uitzonderlijk hoog. Zulke risico’s worden gewoonlijk alleen geaccepteerd bij zware behandelingen voor levensbedreigende aandoeningen, niet bij preventieve vaccins voor brede, gezonde doelgroepen.
Die verhouding strookt niet met klinisch onderzoek, veiligheidsmonitoring en real‑world data, waarin fatale bijwerkingen zeer zeldzaam blijven. De meeste analyses vinden juist een aanzienlijke sterftereductie na vaccinatie, ondanks bekende, zeldzame risico’s zoals myocarditis en TTS.
Reacties uit het veld
Statistici en epidemiologen prijzen soms het speurwerk naar onverklaarde oversterfte, maar bekritiseren de sprong van correlatie naar causaliteit. Zij vragen om transparante, reproduceerbare code, voorregistratie van analyses en onafhankelijke toetsing met gekoppelde persoonsdata en duidelijke aannames.
Anderen zien in zulke analyses aanleiding om nóg meer open data te eisen, inclusief fijnmazige doodsoorzaken en leeftijdsspecifieke tabellen. Meer transparantie kan helpen, mits privacy geborgd blijft en interpretaties zorgvuldig gebeuren, zonder overhaaste of polariserende conclusies.
Waarom dit gesprek belangrijk blijft
Publiek vertrouwen in gezondheidsbeleid vraagt eerlijke communicatie over onzekerheid, zeldzame bijwerkingen en wat we wél zeker weten. Heldere uitleg voorkomt dat schijnbare patronen groter lijken dan ze zijn, of dat echte signalen juist onterecht worden weggewuifd.
Een volwassen debat accepteert dat meerdere waarheden naast elkaar kunnen bestaan: vaccinatie redde aantoonbaar levens, en tóch moet je zeldzame risico’s serieus blijven volgen. Beide kunnen waar zijn, zonder in kampdenken of karikaturen te vervallen.
Wat kun je zelf doen
Check bronnen, lees voorbij de grafiek en zoek naar studies die op persoonsniveau zijn gedaan. Kijk of uitkomsten zijn gerepliceerd, en of onderzoekers corrigeerden voor leeftijd, seizoen en infectiegolven. Twijfel is gezond; context blijft onmisbaar.
Overweeg medische vragen altijd met je arts te bespreken, zeker als je tot een risicogroep behoort. Persoonlijke omstandigheden wegen zwaarder dan gemiddelden uit grafieken. En blijf kritisch, óók tegenover dit artikel: goede vragen brengen het gesprek vooruit.
Kern in één oogopslag
Steigstra ziet een consistent patroon: circa één extra sterfgeval per 1.500 vaccinaties, met een piek zo’n anderhalve week na de prik. Hij noemt het geen bewijs, wel een sterke aanwijzing op basis van publieke, geaggregeerde cijfers en patronen.
Officiële monitoring en persoonsgebonden studies vinden zeldzame, soms ernstige bijwerkingen, maar vooral een duidelijke sterftereductie na vaccinatie. Het debat vraagt dus om betere data, transparantie en zorgvuldigheid. Wat vind jij? Deel je mening op onze socials en praat mee.
Bron: nieuwrechts.nl





