Ze hoorde bij de allereerste gezichten die vanuit een televisiestudio de Nederlandse huiskamer binnenkwamen. Tanja Koen, de eerste televisieomroepster van de NCRV, is vorige week maandag op honderdjarige leeftijd overleden.
Haar familie maakte het nieuws bekend via KRO-NCRV. De uitvaart heeft inmiddels plaatsgevonden, in besloten kring. Daarmee eindigt een loopbaan die begon in een tijd dat televisie in Nederland nog nauwelijks bestond.
Jongste van vijf in Amsterdam
Koen werd in 1925 geboren in Amsterdam. Ze groeide op als jongste in een gezin met vijf kinderen, ruim voordat er in Nederland ook maar iemand aan een televisietoestel in de woonkamer dacht.
Na de Tweede Wereldoorlog begon ze haar loopbaan als radio-omroepster bij de NCRV. De microfoon was toen nog het belangrijkste gereedschap: alles draaide om stem, timing en de juiste toon.
Een telefoontje op een vroege ochtend
Haar start had iets toevalligs. Haar echtgenoot Peter Koen was journalist bij dezelfde omroep en belde haar op een ochtend in 1946 onverwacht op. De vaste omroeper had zich verslapen, er was direct een invaller nodig.

Zij sprong in. Dat verhaal vertelde ze begin dit jaar nog, in een interview met De Volkskrant. Een dienst van een paar uur bleek het begin van een leven voor de microfoon en later de camera.
1951, het jaar dat het beeld aanging
In 1951 werd Koen de eerste televisieomroepster van de NCRV. Daarmee behoorde ze tot de eerste vijf omroepsters van Nederland, een piepklein gezelschap in een medium dat nog helemaal uitgevonden moest worden.
Nederland kende in die jaren maar weinig bekende televisiegezichten. Wie regelmatig in beeld verscheen, werd vanzelf een begrip. Koen groeide uit tot een beroemdheid, zonder dat daar een marketingmachine aan te pas kwam.
Van spelshow tot marmotje
Bij aankondigen bleef het niet. Ze presenteerde op den duur haar eigen programma’s, waaronder de Zaterdagavond Show, Van grote naar kleine k, Stedenspel, Dier en vriend en Van Nature. Een breed palet, van spel tot natuur.
Ook de jongste kijkers kende haar. Voor hen maakte ze het kinderprogramma Wie wil er mijn marmotje zien, een titel die decennia later nog altijd een glimlach oproept bij wie ermee opgroeide.
Rijen voor de deur in Blaricum
Hoe groot haar bekendheid was, bleek gewoon thuis. „In de weekenden stonden er rijen mensen voor ons huis in Blaricum, van heinde en verre waren ze gekomen”, vertelde ze De Volkskrant.
„Ze wilden een foto van mij maken en vroegen om een handtekening.” Ook na afloop van de kinderprogramma’s stonden kinderen buiten de studio te wachten tot ze naar buiten kwam.
Nog altijd in beeld in de jaren tachtig
Haar televisiecarrière hield niet op bij de begintijd. In de jaren tachtig was Koen vast panellid van de familiespelshow Zo vader, zo zoon, een programma waarin generaties het tegen elkaar opnamen.
Tot 1986 bleef ze actief voor de NCRV. Bij elkaar besloeg haar werk voor de omroep vier decennia, van de radiojaren vlak na de oorlog tot de spelshows van de jaren tachtig.
Ridder in de Orde van Oranje-Nassau
In 1977 werd Koen benoemd tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Een officiële erkenning voor iemand die het publieke gezicht was geworden van een omroep en van een nieuw medium.
Die onderscheiding kwam midden in haar loopbaan, niet aan het einde. Ze had toen al meer dan een kwart eeuw televisie achter de rug en zou daarna nog jaren doorgaan.
Verlies en een grote familie
Privé kreeg ze een harde klap te verwerken. Haar man Peter, ooit degene die haar dat beslissende telefoontje gaf, overleed in 1973 op vijftigjarige leeftijd. Zij leefde daarna nog ruim vijftig jaar.
Koen laat drie dochters en een zoon na, plus meerdere kleinkinderen en achterkleinkinderen. De familie koos ervoor het afscheid in besloten kring te houden en bracht het overlijden pas daarna naar buiten.
NCRV: „veel meer dan een omroepster”
Bij de omroep waar ze zo lang werkte, wordt haar dood gevoeld als het einde van een tijdperk. Directievoorzitter Arie Koornneef reageerde namens KRO-NCRV op het overlijden van de oud-omroepster.
„Met het overlijden van Tanja Koen nemen we afscheid van een van de laatste vertegenwoordigers van de generatie die de Nederlandse televisie heeft helpen opbouwen”, zegt Koornneef over haar rol in die pioniersjaren.
Miljoenen huiskamers
„Voor de NCRV was zij veel meer dan een omroepster: zij was een van de gezichten die onze omroep mede vormgaven en dicht bij het publiek brachten”, aldus de directievoorzitter over haar betekenis.
„Ze kwam letterlijk bij miljoenen Nederlanders in de huiskamer.” Hij voegde eraan toe: „We zijn haar daar zeer dankbaar voor. Wij wensen haar familie, vrienden en naasten veel sterkte en kracht toe bij dit grote verlies.”
Een eeuw, en een medium dat meegroeide
Koen werd geboren in 1925 en werd honderd. In die eeuw veranderde televisie van een experiment in iets vanzelfsprekends, en zij stond aan het begin van dat proces, voor de camera.
Dat ze begin dit jaar nog uitgebreid terugblikte in een krantinterview, maakt haar verhaal extra bijzonder. Een ooggetuige van de eerste uitzendingen, die haar eigen herinneringen zelf kon navertellen.
Wat er overblijft
Van veel vroege uitzendingen bestaat weinig meer dan de titels: Stedenspel, Dier en vriend, Wie wil er mijn marmotje zien. Namen die vooral voortleven bij de kijkers van toen.
De handtekeningen op de stoep in Blaricum zijn allang verdwenen. Wat blijft, is het beeld van een vrouw die als een van de eersten wist hoe het voelde om herkend te worden.
Bron: ad.nl





