Een recente uitspraak van de Raad van State zet activist Frank van der Linde opnieuw in de schijnwerpers. Hij ontvangt schadevergoedingen omdat overheden te laat reageren op zijn privacyverzoeken, maar benadrukt dat dit geen inkomen is. Hoe zit dat precies?
Opvallende uitspraak zet toon
Eind april behandelde de Raad van State vier samengevoegde zaken van Van der Linde. Voor dat pakket krijgt hij één vergoeding van 3000 euro. Eerder dit jaar liep al 10.000 euro binnen, samen goed voor 13.000 euro in vijf maanden.
Dat komt omgerekend neer op zo’n 2600 euro per maand, een bedrag dat de aandacht trekt. Van der Linde bestrijdt echter dat dit ‘inkomen’ zou zijn: volgens hem is het compensatie voor vertraging door de overheid, vastgelegd in bestaande regels.
Geen salaris maar schadevergoeding
Hij heeft de regels niet bedacht, benadrukt hij, maar maakt er wel gebruik van. De vergoedingen zijn bedoeld als compensatie voor het wachten op beslissingen binnen redelijke termijnen. Het gaat dus niet om loon, maar om herstel van geleden vertraging.
Critici vinden de opgetelde bedragen niettemin opvallend hoog. Van der Linde draait het om: als instanties binnen de wettelijke of redelijke termijnen reageren, ontstaan er geen claims. In zijn ogen prikkelen vergoedingen de overheid om simpelweg op tijd te handelen.

Hoe de bedragen worden berekend
De rechter hanteert doorgaans 500 euro per overschreden halfjaar per procedure. Duurt een zaak bijvoorbeeld achttien maanden langer dan redelijk, dan tikt dat 1500 euro aan. Loopt dat op in meerdere dossiers tegelijk, dan stijgt het totaal snel.
Belangrijk daarbij: iedere zaak wordt apart beoordeeld. Soms kent de rechter de volledige vergoeding toe, soms slechts deels, en soms helemaal niet. Er is dus geen automatische geldstroom, alleen een mogelijkheid tot compensatie wanneer termijnen echt worden overschreden.
Waarom juist hij zo vaak botst
Van der Linde is al jaren zichtbaar bij demonstraties rond Palestina, klimaat en de bestrijding van extreemrechts. Bij acties is er regelmatig contact met politie en gemeenten. Dat leidt tot registraties in systemen, van meldingen tot verslagen en soms incidentrapportages.
Wie wil weten wat er precies over hem is vastgelegd, mag dat opvragen en laten corrigeren of verwijderen wanneer dat kan. Omdat er bij hem veel wordt geregistreerd, dienen zich ook vaker nieuwe verzoeken én discussies over juistheid en bewaartermijnen aan.
Welke wetten hij inzet
Centraal staat de AVG, de Europese privacywet. Die geeft burgers recht op inzage, correctie en verwijdering van persoonsgegevens, plus uitleg over waarom gegevens worden verwerkt. Instanties moeten binnen strikte termijnen reageren en gemotiveerd aangeven wat ze wel of niet doen.
Daarnaast spelen de Wet politiegegevens en de Wet open overheid geregeld mee. Bij politiedata gelden extra waarborgen en aparte termijnen. Bij openbaarheidsverzoeken draait het om bestuurlijke documenten. In beide gevallen kan trage of gebrekkige afhandeling een juridische staart krijgen.
Berg aan zaken bij hoogste bestuursrechter
Volgens de Raad van State is inmiddels in ruim veertig zaken uitspraak gedaan en wachten er ongeveer dertig nog op behandeling. Zo’n stapel procedures rond één persoon zie je zelden in het bestuursrecht en laat de omvang van dit dossier zien.
Van der Linde betwist de exacte aantallen en wijst erop dat hij geregeld gelijk krijgt. Volgens hem gaat de aandacht vaak naar het volume, terwijl inhoudelijke uitkomsten laten zien dat overheden fouten maken en termijnen overschrijden die burgers moeten beschermen.
Is er sprake van een verdienmodel?
Het hoge totaalbedrag roept automatisch de vraag op of dit ondertussen een verdienmodel is. Juridisch geldt echter: elke overschrijding telt op zichzelf, los van hoe vaak iemand procedeert. De wet maakt geen onderscheid naar ijver of frequentie van klagers.
Toch blijft het bedrag in het oog springen. Een gemiddelde van 2600 euro per maand komt in de buurt van een modaal inkomen, en voelt voor sommigen als een beloning. Die spanning houdt de discussie levend, van de juridische correctheid losgekoppeld.
Het kip-en-ei van vertraging
Critici stellen dat de vele verzoeken de overheid extra belasten en zo voor vertraging zorgen. Van der Linde zegt dat de verwerking óók minder zaken te traag is en dat hij pas gaat procederen wanneer redelijke termijnen zijn verstreken.
De waarheid kan ergens in het midden liggen. Een systeem met te weinig capaciteit, onduidelijke processen en weinig terugkoppeling nodigt uit tot fouten én tot klachten. Sneller beslissen en beter uitleggen voorkomt procedures, maar vraagt om tijd, mensen en prioriteit.
Niet alleen over geld
Wie alleen naar bedragen kijkt, mist dat Van der Linde ook inhoudelijk regelmatig zijn gelijk haalt. Rechters dwingen soms rectificaties of verwijderingen af, of constateren dat informatie onjuist is verwerkt. Zulke uitkomsten tonen aan dat de overheid óók kan falen.
In die zin is geld eerder een bijeffect van vertraging dan een doel op zich. De kern is dat persoonsgegevens kloppen, niet te lang worden bewaard en dat verzoeken zorgvuldig én op tijd worden afgehandeld, met begrijpelijke toelichting richting burgers.
Nieuwe wrijving rond 4 mei
Recent kwam er een twistpunt bij na de Dodenherdenking 4 mei. Van der Linde hield een bord met ‘Nooit meer is nu’ omhoog en zou niet hebben voldaan aan politie-instructies. Hij kreeg een strafbeschikking, met aantekening in zijn justitiële dossier.
Tegen die beslissing is verzet aangetekend. Daarmee is de zaak nog niet door een rechter beoordeeld en staat dus niets vast. Het onderstreept wel hoe snel dagelijkse keuzes van activisten en autoriteiten kunnen uitmonden in langdurige juridische trajecten met gevolgen.
Wat betekent een strafbeschikking?
In Nederland mag het Openbaar Ministerie bij lichtere feiten een strafbeschikking opleggen. Dat kan doorwerken in de justitiële documentatie, zónder voorafgaande rechtszaak. Wie het er niet mee eens is, kan in verzet, waarna de zaak alsnog voor een rechter komt.
Daarmee is het onderscheid tussen vastgestelde feiten en beschuldigingen belangrijk. Een beslissing van het OM is nog geen rechterlijk oordeel. Media en lezers doen er goed aan dat verschil te blijven zien zolang procedures lopen en dossiers niet zijn afgerond.
Breder signaal voor overheid
Los van deze casus is de boodschap aan de overheid helder: behandel gegevensverzoeken snel, zorgvuldig en uitlegbaar. Dat vraagt om capaciteit, duidelijke processen en betere IT. Burgers hebben recht op transparantie, en organisaties verdienen rust door voorspelbare, tijdige afhandeling.
Door termijnen serieus te nemen, daalt de druk op rechters én op budgetten. Iedere vermeden vertraging scheelt een procedure, en dus mogelijke schadevergoeding. Uiteindelijk wint iedereen bij een overheid die op tijd beslist en helder communiceert wat en niet kan.
Wat staat er nog te gebeuren
Zolang de nog openstaande procedures lopen, kan het totaalbedrag verder oplopen. Dat is geen gegeven: iedere zaak wordt afzonderlijk beoordeeld en niet elke overschrijding leidt tot geld. Toch zal de optelsom de komende tijd scherp in de gaten worden gehouden.
De politiek kan tussentijds nadenken over slimmere termijnen, betere procesafspraken of extra waarborgen tegen onnodige vertraging. Daarbij hoort wel de waarschuwing dat de toegang tot het recht niet mag verslechteren, ook niet voor wie vaak en kritisch vragen stelt.
Tot slot: waar gaat dit echt over
Onder de streep gaat deze affaire over de balans tussen burgerrechten en bestuurlijke slagkracht. Een activist die het systeem test, en een systeem dat zichtbaar kraakt wanneer termijnen schuiven. Dat schuurt, maar dwingt óók tot verbeteren, verantwoorden en transparant werken.
Wat vind jij: functioneert het huidige vergoedingssysteem zoals bedoeld, of is herziening nodig? Laat het ons weten via onze sociale kanalen en praat mee over oplossingen die eerlijk zijn voor burgers én werkbaar voor overheden. We lezen graag je reactie.
Bron: trendyvandaag.nl





